Alle berichten van Wanne van den Bijllaardt

Gemeentelijke OR-verkiezingen

Aan de slag met de nieuwe OR!

In de week van 11 maart 2020 zijn de gemeentelijke OR-verkiezingen. Bij veel gemeenten wordt dan een nieuwe OR gekozen. Er komt dan veel op de net gekozen OR-leden af. Om snel inzetbaar te zijn is het van belang om uw rechten te kennen. U moet weten wanneer u advies- en instemmingsrecht heeft. Wat is het primaat van de politiek? Hoe ziet een adviesprocedure eruit en wanneer kan de bestuurder u geheimhouding opleggen? OR Academy kan u op 4 verschillende manieren helpen, zodat u snel het OR-werk eigen maakt.

  1. We bieden nieuwe OR-leden van gemeenten een basiscursus aan. In een korte tijd doet u basiskennis op en ontmoet u collega OR-leden. OR Academy heeft een eendaagse, een tweedaagse en een driedaagse basiscursus. Deze cursussen worden regelmatig aangeboden. Als u met meer OR-leden meedoet dan krijgt u minimaal 10% korting! Kijk welke training bij u past en schrijf u in.
  2. Als u niet naar een open cursus wilt, maar u wilt een cursus voor uw eigen gemeentelijk ondernemingsraad dan is dat mogelijk. We maken dan een cursus op maat voor u. Dat betekent dat u het programma, de locatie en het tijdstip bepaalt. Een trainer maakt in overleg met uw OR de cursus. Als u hier meer over wilt weten neem dan contact met ons op (085 – 0432268).
  3. U bent niet meteen op zoek naar een cursus, maar u wilt begeleiding hebben zodra dat nodig is. Met behulp van een strippenkaart heeft u een heel jaar lang een adviseur tot uw beschikking. Die adviseur kan wisselen. Als u bijvoorbeeld een juridische vraag heeft dan zetten we een jurist in. Als u een financiële vraag heeft dan  heeft u meer aan een andere specialist. U koopt vooraf een aantal strippen (iedere strip is een uur) in en u hoeft niet iedere keer naar de bestuurder om toestemming te vragen om een adviseur in te huren.
  4. We hebben speciaal voor startende OR-leden een white paper gemaakt. Deze kunt u gratis downloaden. Deze white paper is handig om snel de eerste kennis op te doen.

Niet goed, geld terug!

OR Academy biedt ondernemingsraden van gemeenten betaalbare cursussen en adviezen. Onze diensten zijn niet alleen onder de scholingsrichtprijzen van de SER, maar ze zijn ook kwalitatief goed. We bieden daarom ook ‘niet goed, geld terug’ garantie! Op onze website kunt u bij de meeste cursussen de ervaringen van de oud-deelnemers lezen. Ze geven ons gemiddeld een 8,7! Daar zijn we heel trots op.

Veel ervaring met gemeenten

Onze trainers hebben veel ervaring met gemeentelijke ondernemingsraden. Veel gemeentelijke OR’en hebben inmiddels kennis gemaakt met OR Academy. De volgende gemeenten gingen u voor:

Gemeente Amersfoort, Gemeente Almere, Gemeente Venray, Gemeente Diemen, Gemeente Haarlemmermeer, Gemeente Olst Wijhe, IJsselgemeenten, Gemeente Velsen, Gemeente Nissewaard, Gemeente Harlingen, Gemeente Epe, Gemeente Giessenlande, Gemeente Enschede, Gemeente Ede, Gemeente Roermond, Gemeente Oegstgeest

Wilt u meer weten over OR Academy? Neem telefonisch contact met ons op (085 – 0432268) of mail naar info@www.or-academy.nl.

 

 

Geef uw OR-jaarverslag een rapportcijfer

Binnenkort moet uw ondernemingsraad weer een OR-jaarverslag schrijven. Veel OR’en pakken het verslag van vorig jaar erbij en maken daar dan een variant op. U kunt ook eens kritisch kijken. Was het laatste jaarverslag wel aantrekkelijk en interessant genoeg? Hebben we de lezers wel bereikt? Met behulp van tien punten kunt u het OR-jaarverslag beoordelen en een rapportcijfer geven. De onderdelen waar u niet goed scoort, zijn aandachtspunten voor verbetering. Dat moet er dan toe leiden dat het volgende OR-jaarverslag beter wordt!

10 punten

OR Academy heeft de volgende 10 punten op een rij gezet om je jaarverslag te beoordelen. Ieder onderdeel levert een punt op. In totaal kunt u dus een 10 halen. Bespreek met elkaar ieder punt. Zo kunt u eenvoudig uw jaarverslag evalueren en verbeteren. De punten zijn:

1. Is het duidelijk voor wie het jaarverslag is bedoeld?

2. Staat de lezer centraal?

3. Wordt de lezer persoonlijk aangesproken?

4. Nodigt de lay-out uit tot lezen?

5. Zijn er illustraties opgenomen?

6. Past het taalgebruik bij jouw doelgroep?

7. Is de structuur helder?

8. Is het jaarverslag herkenbaar?

9. Is de achterban aanwezig in het jaarverslag?

10. Wordt het jaarverslag gepromoot?

Een oordeel van OR Academy

U kunt uw  OR-jaarverslag door OR Academy laten beoordelen. Stuur het op naar info@or-academy.nl en u krijgt binnen anderhalve week een reactie! Wij gaan natuurlijk vertrouwelijk om met uw informatie. Als u nog geen jaarverslag hebt geschreven dan kunt u ideeën opdoen tijdens onze cursus OR-jaarverslag maken.

Het informatierecht van de OR

Goede informatie is voor de OR van levensbelang. Zonder voldoende informatie kan de ondernemingsraad zijn werk niet doen. In de Wet op de Ondernemingsraden (WOR) is daarom het informatierecht van de OR geregeld. In artikel 31 van de WOR staat welke gegevens de bestuurder aan de OR moet verstrekken, gevraagd èn ongevraagd. Dit is het zogenaamde actief en passief informatierecht. In deze checklist zetten we 11 aandachtspunten voor het informatierecht van de OR op een rij.

  1. De OR heeft recht op schriftelijke informatie bij aanvang van de zittingsperiode (artikel 31 WOR, tweede en derde lid) De bestuurder moet die informatie zelf geven (passief informatierecht). Het gaat om onder andere de statuten, de rechtsvorm, de zeggenschapsverhoudingen en de organisatiestructuur.
  2. Er is ook passief informatierecht bij organisaties met meer dan honderd personen. Als uw organisatie daaronder valt dan krijgt u minimaal één maal per jaar schriftelijke informatie over de hoogte en inhoud van de arbeidsvoorwaardelijke regelingen en afspraken, per groep werknemers. U krijgt bovendien informatie over de beloningsverhoudingen. (artikel 31d WOR)
  3. Naast passief informatierecht is er ook actief informatierecht. De OR kan zelf informatie opvragen als de raad dat nodig heeft om zijn taak te vervullen. Dat kan in de Overlegvergadering, maar ook daarbuiten. Geef concreet aan welke informatie u waarvoor nodig heeft. Hoe beter u dat onderbouwt, hoe groter de kans dat u de gewenste informatie ontvangt.
  4. Kijk goed welke informatie de OR nodig heeft. Stel prioriteiten en wees selectief. Probeer waar mogelijk de informatie eenduidig aan te laten leveren. Stukken met uniforme opbouw, enzovoort.
  5. Voorkom dat het DB van de OR alle informatie te verwerken krijgt. U komt anders om in de informatie. Verdeel daarom de te beoordelen informatie over verschillende leden of commissies. Onderwerpen die bij een commissie worden ondergebracht kunnen daar worden voorbereid en beoordeeld.
  6. Soms wil de bestuurder informatie niet geven omdat die te gevoelig is voor personen of voor de onderneming. U kunt de informatie alleen krijgen als die onder de geheimhouding (artikel 20 WOR) valt. Zorg dat duidelijk is om welke informatie het gaat en voor welke periode de geheimhouding geldig is. Accepteer alleen informatie onder geheimhouding wanneer deze voor de totale OR geldt en voor een niet te lange periode.
  7. Pas op voor informatielawines. U krijgt dan te veel informatie en dan ziet u door de bomen het bos niet meer. Denk daarom goed na welke informatie de OR nodig heeft en waarvoor.
  8. Zorg dat u niet afhankelijk bent van de bestuurder als u informatie nodig heeft. Bedenk wie er nog meer over informatie beschikt. Soms kunt u beter naar een stafdienst, de vakbond of naar de achterban als u specifieke informatie nodig heeft.
  9. Het Artikel 24-overleg dat twee keer per jaar wordt gehouden om de algemene gang van zaken te bespreken, is een handig overleg om informatie in te winnen. De advies- en instemmingsvragen voor de komende periode komen dan aan de orde. U weet dan wat u kunt verwachten en welke informatie van belang kan zijn.
  10. Gebruik soms de OR-scholing om informatie te krijgen. Een brainstormsessie met de bestuurder levert soms  waardevolle achtergrondinformatie op.
  11. Als u de gevraagde informatie niet krijgt probeert u te achterhalen waarom de bestuurder de informatie niet verstrekt. Een gesprek in informele sfeer leidt misschien tot een positief resultaat. Een volgende stap is dat de OR gebruik maakt van de algemene geschillenregeling (WOR artikel 36). U legt de zaak voor aan de bedrijfscommissie (advisering en/of bemiddeling) of u gaat direct naar de kantonrechter.
Meer weten

Wilt u meer weten over het informatierecht van de OR of van de andere bevoegdheden van de ondernemingsraad dan kunt u de Basiscursus WOR volgen. Tijdens deze cursus leert u de belangrijkste bevoegdheden.

Samenwerken met de bestuurder

Samenwerken met de bestuurder is soms lastig. De OR krijgt niets voor elkaar in de overlegvergadering. OR en bestuurder maken elkaar verwijten, vergaderingen worden verschoven en de sfeer is slecht. De partijen realiseren zich dan niet dat OR en bestuurder elkaar nodig hebben in de medezeggenschap. Beide overlegpartners beïnvloeden het succes van het overleg. De basis die de Wet op de Ondernemingsraden u biedt, moet u dan nog wel zien te vertalen naar de dagelijkse praktijk! Wat kunt u doen om de samenwerking met uw bestuurder te verbeteren?

Verbeteren

Om de samenwerking te verbeteren is het goed om te kijken naar de belangen van beide partijen. Voor veel OR’en zijn werknemersbelangen belangrijk. De OR wil graag knelpunten oplossen en meedenken over de organisatie.  Veel bestuurders willen regelmatig overleg met de werknemers. Voor een bestuurder vormt de OR ‘zijn oren en ogen‘ op de werkvloer. Via de OR hoort hij de ideeën van zijn mensen over het bedrijf. Door de OR kan hij draagvlak voor besluiten krijgen. Inspraak en discussie kunnen leiden tot innovatie. Als de bestuurder meepraten en meedoen van zijn werknemers belangrijk vindt, verhoogt dit de kwaliteit van de medezeggenschap.

Tips

Een bestuurder die de waarde inziet van de medezeggenschap levert nog niet meteen een goede samenwerking op. Met de volgende tips uit onze trainingen lukt dat wel.

  • Tip 1: Bouw aan een vertrouwensrelatie met de bestuurder

Als de bestuurder en OR elkaar onvoldoende kennen dan kan er wantrouwen zijn. U moet een vertrouwensrelatie opbouwen. Maak kennis met de bestuurder bij de start van een zittingsperiode. Ga bijvoorbeeld samen eten, volg een kookworkshop of drink samen een borrel.

  • Tip 2: Maak duidelijke afspraken over faciliteiten

Medezeggenschap is een verantwoordelijkheid van de bestuurder en de OR. Een ondernemingsraad kan pas goed functioneren als de faciliteiten in orde zijn. De nieuwe OR kan de directie in de eerste OR-cursus uitnodigen om samen spelregels voor de medezeggenschap te formuleren. Deze gaan over praktische zaken als vergadertijd, het minimum aantal vergaderingen, de faciliteiten en dergelijke.

  • Tip 3: Verken samen de doelstellingen en resultaten

Als de samenwerking niet goed is dan kan het verstandig zijn om eens met de benen op tafel te vergaderen. Bespreek de wederzijdse verwachtingen. Wat wil de OR bereiken? Welke doelstelling heeft de bestuurder? Het is belangrijk dat de bestuurder en de OR samen vaststellen welke doelen en resultaten ze in de medezeggenschap willen bereiken. Al pratend krijgen ze meer begrip voor elkaars belangen.

  • Tip 4: Formuleer een samenwerkingsovereenkomst

Door de verslechterde verstandhouding stapelen de voorvallen zich soms op. Zaken worden niet uitgepraat waardoor een verstoorde relatie ontstaat. Maak dan afspraken over de samenwerking. Dat zijn bijvoorbeeld afspraken over het infomeren van elkaar, het aanleveren van agendapunten, het informeel overleg en het integer met informatie omgaan.

Wanne van den Bijllaardt is opleidingscoördinator van OR Academy en medeauteur van het boek Handvatten voor de medezeggenschap.

Effectief netwerken

Netwerken is een belangrijke vaardigheid. Kennis van netwerktechnieken kan uw OR helpen om zoveel mogelijk doelen te realiseren. Toch doen maar weinig ondernemingsraden dit. Ze zijn zich er niet bewust van of zien de voordelen niet. Netwerken staat in nauwe relatie met lobbyen. Bij netwerken gaat het om het opbouwen en onderhouden van relaties in het voordeel van alle deelnemers van het netwerk. Effectief netwerken is een noodzakelijke competentie om op de hoogte te blijven, kennis te delen en te beïnvloeden. U helpt anderen verder door het geven van informatie en stelt mensen aan elkaar voor. Daartegenover staat dat u met behulp van uw netwerk ook weer verder komt, omdat mensen u waardevolle informatie geven. Dit kunt u gebruiken om invloed uit te oefenen. Kennis is immers macht. Iedereen netwerkt op zijn eigen manier. Toch zijn er wel enkele aandachtspunten. Hieronder vindt u er 13*:

  1. Het is belangrijk dat netwerken leuk is en blijft! Doe daarom geen dingen waar u zich niet prettig bij voelt. Ga niet netwerken, alleen omdat de OR dat vraagt.
  2. Bepaal voor uzelf wat u wilt bereiken met netwerken en maak het concreet door doelen te formuleren. Als deze duidelijk zijn, kunt u beter communiceren naar anderen wat u nodig heeft.
  3. Probeer op een natuurlijke manier contacten te leggen en te onderhouden. Richt u eerst op de relatie en later pas op de zaken. Houd er rekening mee dat netwerken altijd twee kanten op werkt. zorg dat u ook informatie geeft. Daar begint het meestal mee.
  4. Wees vriendelijk als u iemand benadert, dan komt de rest vanzelf. Zorg dat uw uitstraling vertrouwen wekt.
  5. Kijk uw gesprekspartner in de ogen. Dit is een teken van (zelf)respect en u maakt op die manier het beste contact.
  6. Netwerken is gebaseerd op ‘wederzijds vertrouwen’ en ‘gunnen’. Probeer dat vertrouwen niet te schaden.
  7. Schrijf bij de naam van een contactpersoon informatie over de betreffende persoon, acties die u eventueel moet ondernemen en waar en wanneer je elkaar hebt ontmoet.
  8. Zorg ervoor dat u  (zo mogelijk) OR-visitekaartjes heeft. Deel deze uit aan contacten die er toe doen. Dit is vooral van belang als de OR zijn externe netwerk wilt uitbreiden.
  9. Als u een waardevolle tip of klacht krijgt, bedank dan uw contact en laat op een later moment weten wat u en de OR ermee gedaan hebben en wat de uitkomst was. Dan voelt uw contactpersoon zich serieus genomen.
  10. Wees geïnteresseerd, luister en vraag goed door. Zo kunt u aan een heleboel informatie komen waar u wat aan kan hebben, of waarmee u misschien een ander kan helpen.
  11. Netwerk zonder iets te ‘moeten’ of te ‘willen’. Komen er geen concrete zaken op uw pad, dan is het jammer maar helaas. Wees geduldig, wie weet komt iemand op een later moment nog op uw verzoek terug.
  12. Praat niet negatief over anderen. De wereld is klein en negatieve uitspraken kunnen bij u terugkomen en het jezelf erg ongemakkelijk maken.
  13. Wees jezelf. Speel geen rol, want daar prikken mensen vaak snel doorheen.

Het belangrijkste netwerk is de achterban. De achterban heeft veel informatie die u kunnen helpen. Als u het lastig vindt om in contact te komen met uw achterban dan kan misschien een training achterbancommunicatie helpen. U leert dan doelmatig communiceren met het personeel.

* Deze aandachtspunten komen uit het boek ‘Meer handvatten voor de OR’ van Performa uitgeverij, 2012.

Meer jongeren in de OR

Medezeggenschapsorganen vergrijzen. De gemiddelde leeftijd van een OR-lid is al gauw 50 jaar. Dat blijkt telkens weer uit allerlei onderzoeken. De ondernemingsraad en personeelsvertegenwoordiging wordt daardoor steeds minder representatief en de invalshoek van waaruit de OR of PVT denkt kan steeds eenzijdiger worden. Waarom laten jongeren het afweten? En hoe krijgen we de twintigers en dertigers bij de ondernemingsraad? Hieronder volgen enkele tips.

 

Imago

De OR of PVT zou zich meer moeten profileren op zaken die jongeren aantrekkelijk vinden. Probeer dat in kaart te brengen door enkele jongeren te interviewen.  Het is dan ook verstandig eens goed naar het eigen imago te kijken. Hoe komt uw ondernemingsraad over bij de achterban?

Opzoeken

Steek tijd om jongeren actief op te zoeken. Inventariseer hoeveel jongeren er in uw organisatie werkzaam zijn en kijk hoe je ze kunt bereiken. Vergeet ook de flexwerkers en de tijdelijke krachten niet. Misschien wil de afdeling Personeelszaken daar wel bij helpen.

Behoefte

Iedere doelgroep heeft zijn eigen belangen en interesses. Inventariseer als ondernemingsraad eerst eens wat jongeren willen en kijk dan wat de OR voor hen kan betekenen.

Oog voor de loopbaan

Jongeren staan aan het begin van hun loopbaan en hebben daar oog voor. Ze willen zich daarom verder ontwikkelen. De OR heeft scholingsrecht dat mogelijk interessant is voor jongeren. Ze voelen zich vaak wel betrokken bij de organisatie en kijken niet alleen naar hun eigen carrière. Het opbouwen van een netwerk speelt hierbij een rol. De OR staat midden in de organisatie en heeft contact met veel mensen van alle afdelingen. Benadruk deze punten als u jongeren spreekt over de OR.

Interessegebieden

Het spreekt natuurlijk voor zich dat de ondernemingsraad zich verdiept in de interessegebieden van de jongeren. Onderwerpen als flexibele werktijden, kinderopvang of het loopbaanbeleid spreekt hen eerder aan dan de pensioenregeling.

Taken

Het lukt vaak niet om jongeren in de ondernemingsraad te krijgen. Probeer ze te strikken met taken die aantrekkelijk voor hen zijn. Het maken van OR-pagina´s op intranet of de organisatie van een debat in de kantine zijn hier voorbeelden van.

Tijd

De twintigers en dertigers hebben vaak weinig tijd. Ze zijn met hun loopbaan bezig en krijgen kinderen. Tijdgebrek weerhoudt veel jongeren zich verkiesbaar te stellen voor de ondernemingsraad. Zorg dat het aantal OR-uren goed met de bestuurder is geregeld. Kijk ook naar de zittingstermijn van de OR-leden. Kan die korter?

Meer jongeren in de OR heeft ook te maken met het contact met de achterban. Als dat goed is dan wordt het makkelijker om jongeren te bereiken. Als u tips wilt over achterbancommunicatie volg dan onze cursus OR en achterbancommunicatie.

Herken de signalen voor de komende reorganisatie

Reorganisaties hebben soms grote gevolgen voor uw achterban. Werknemers verliezen hun baan of onderdelen worden afgestoten. De gevolgen voor een reorganisatie kunnen meevallen als er snel wordt gereageerd. De OR kan invloed uitoefenen op de reorganisatie. De OR heeft adviesrecht bij belangrijke wijzigingen in de organisatie en kan onderwerpen op de agenda zetten. Een reorganisatie komt vaak niet uit de lucht vallen. Er zijn voor de reorganisatie verschillende signalen. Het is voor de OR de kunst om die te herkennen. Waar moet u op letten?

  1. Zorg dat u goed geïnformeerd bent. De meeste reorganisaties hebben te maken met de financiële situatie van een organisatie. Kijk daarom naar de kwartaalcijfers. Hoe is de afgelopen periode gegaan? Is er voldoende geld in kas om de rekeningen te betalen. Wordt er nog winst gemaakt en hoe komt die winst tot stand? Is er sprake van een omzetdaling en waarom daalt de omzet? Als u hier meer informatie over wilt, kijk dan eens naar de Financiële  APK over gevarensignalen.
  2. Een ander signaal is het afnemen van de bestellingen en de toename van de voorraad. Dat zijn duidelijke signalen dat het niet goed gaat.
  3. Veranderende wetgeving kan ook een signaal zijn dat de organisatie in zwaar weer gaat komen. Als er nieuwe regels komen waaraan de organisatie aan moet voldoen dan kan dat veel geld en moeite kosten. Is dat er wel? Heeft dat gevolgen voor de dienstverlening?
  4. Verschillende wisselingen in het management en bestuur kunnen een signaal zijn dat het niet goed gaat met de organisatie. De organisatie is dan meer naar binnen gericht en dat kan negatieve gevolgen hebben voor de concurrentiepositie.
  5. Een forse toename van de overleggen en heidagen van het management kan een signaal zijn dat het niet goed gaat.
  6. Het niet invullen van vacatures is ook een signaal dat er iets aan de hand is.
  7. Ook een groot verloop onder het personeel kan een signaal zijn. Is de sfeer veranderd of lopen de kwalitatief goede mensen de organisatie uit? Dat kan gevolgen hebben voor de productie of de dienstverlening.
  8. Een forse stijging in het ziekteverzuim is ook een teken dat het niet goed gaat. Wat zijn de gevolgen van een hoog ziekteverzuim?
  9. Een direct signaal kan de bestuurder geven tijdens het artikel 24-overleg. Hij kijkt dan vooruit en geeft aan welke voorgenomen besluiten er aankomen. Zit er een reorganisatie aan te komen? U kunt er natuurlijk ook naar vragen.

Als u advies wilt over de signalen en een komende reorganisatie neem dan contact met ons op (085 0432268). We kijken dan hoe we u kunnen helpen.

SER richtbedragen scholing 2020

De SER heeft de richtbedragen voor OR-cursussen (maatwerk en een open inschrijvingscursus) voor 2020 vastgesteld. Een maatwerkcursus is een algemeen vormende cursus van één of enkele dagen voor de gehele OR. Een open inschrijvingscursus is een cursus met een vast programma, waar een OR-lid individueel aan kan deelnemen.  Het richtbedrag voor een maatwerkcursus voor de hele ondernemingsraad is vastgesteld op € 1055 per dagdeel per OR. Dat was in 2019 € 1025. Het richtbedrag voor OR-cursussen met een open inschrijving is € 190 per dagdeel per individueel OR-lid (was in 2019: € 175). Een cursus van een dag heeft dan als kostprijs € 380. De bedragen zijn exclusief BTW.

OR Academy

OR Academy blijft in 2020, net zoals in 2019, ruim onder de richtbedragen scholing van de SER. Een open inschrijvingscursus kost € 365 all-in. Als er meer OR-leden meedoen dan geven we minimaal 10% korting voor iedere extra deelnemer.

Richtsnoer

De SER stelt jaarlijks de richtbedragen vast op voordracht van de Commissie Bevordering Medezeggenschap (CBM). Deze richtbedragen geven een indicatie van wat onder normale omstandigheden redelijke kosten per dagdeel zijn voor scholing en vorming van voldoende kwaliteit. Het is dus geen wettelijke norm, maar een richtsnoer, bedoeld om houvast te geven aan ondernemer en OR in hun overleg over te volgen scholing en de daaruit voortvloeiende kosten. De richtbedragen worden berekend op basis van de tarieven die in de praktijk worden gehanteerd.

Recht op scholing

OR-leden hebben een wettelijk recht op scholing (artikel 18 WOR). De werkgever is verplicht de leden van de OR gedurende een minimum aantal dagen per jaar, in werktijd en met behoud van loon, de gelegenheid te bieden de scholing te ontvangen die zij voor de vervulling van hun taak nodig oordelen. Het aantal dagen wordt door de ondernemer en OR in gezamenlijk overleg vastgesteld. De ondernemer is verplicht de kosten die redelijkerwijze noodzakelijk zijn voor de scholing van OR-leden te betalen.

bron: SER

Schokkende cijfers over bedrijfsongevallen

Maar liefst 1 op de 4 werknemers in een risicovol beroep is wel eens het slachtoffer geweest van een bedrijfsongeval. Dit blijkt uit onderzoek van vakbond het CNV. Ongeveer 2 miljoen Nederlanders  werken in gevaarlijke beroepen. Dat zijn dus zo’n 500.000 werknemers! 36% van alle werknemers stelt dat er steeds meer onveilige situaties op de werkvloer ontstaan door de hoge werkdruk. Snelheid gaat daarnaast vaak boven veiligheid, stelt 25% van de ondervraagden. Bijna 1 op de 5 werknemers heeft zich wel eens ziekgemeld door een ongeval op het werk en 23% stelt dat de werkvloer de laatste jaren onveiliger wordt.

Schokkende cijfers

‘Schokkende cijfers die ons beeld bevestigen dat de werkplek steeds onveiliger wordt, mede door de hoge werkdruk,’ aldus CNV-voorzitter Arend van Wijngaarden. ‘Dit is de schaduwzijde van een florerende economie. Werknemers mogen echter nooit het slachtoffer worden van de groei-ambities van werkgevers. Veiligheid gaat boven alles. Honderdduizenden Nederlanders verkeren echter vaak in een onveilige situatie, blijkt uit dit onderzoek.’ 21% van de ondervraagden zegt dat het behalen van een hoge omzet meer prioriteit heeft dan de veiligheid van medewerkers. 17% stelt dat de werkgever klachten van werknemers negeert over onveilige situaties op de werkvloer.

Topje van de ijsberg

Opvallend is dat werknemers in de sector ‘Openbaar bestuur en overheidsdiensten’ het vaakst (45%) aangeven dat zij zich regelmatig in een onveilige situatie op het werk bevinden. 42% is daar wel eens het slachtoffer geworden van een bedrijfsongeval. Van Wijngaarden: ‘De cijfers uit ons onderzoek zijn vele malen hoger dan de cijfers van Inspectie SZW, die melding doet van een paar duizend bedrijfsongevallen per jaar. De cijfers van SZW zijn dus blijkbaar het topje van de ijsberg. De 25% bedrijfsongevallen uit ons onderzoek zijn omgerekend 500.000 mensen. We vermoeden dat werkgevers vaak geen melding doen van bedrijfsongevallen en de veiligheid op de werkplek vaak met voeten wordt getreden.’

Geen schijnoplossingen

‘Het CNV pleit daarom voor betere handhaving: meer inspecties en betere controles op de werkvloer. Werkgevers moeten bovendien niet vluchten in schijnoplossingen, zoals alcohol- en drugscontroles bij werknemers. 3% van de ongevallen ontstaat door alcohol- of drugsgebruik, toont dit onderzoek aan. Blijf daarop testen maar doe ook andere investeringen in veiligheid,’ roept Van Wijngaarden op.

De rol van de medezeggenschap

De PVT en OR kunnen een bijdrage leveren om het werk veiliger te maken. Zet het onderwerp op de agenda. Vraag aan de preventiemedewerker hoe het werk veiliger kan worden. Kijk ook naar de RI&E en het plan van aanpak. Moet het worden aangepast? Is uw RI&E nog actueel? U hebt instemmingsrecht bij de aanpassing van de RI&E. Als u meer wilt weten over uw rol bij veilig werken volg dan onze arbocursus.

Bron: CNV

Overtuigen met goede argumenten

Als ondernemingsraad, clientenraad of personeelsvertegenwoordiging zit u regelmatig aan tafel met de bestuurder. Als u resultaten wilt boeken dan moet u goede argumenteren gebruiken om de bestuurder te overtuigen. Dat valt niet altijd mee. Het is van belang inzicht te hebben in de manier waarop u uw standpunten en argumenten voor de bestuurder duidelijk kunt formuleren en weergeven. Maar hoe doet u dat precies? Hieronder volgen een aantal tips.

  1. Er zijn verschillende soorten argumentatie. Kennis van deze soorten is belangrijk om argumenten van anderen te kunnen herkennen en er adequaat op te kunnen reageren. Er zijn bijvoorbeeld enkelvoudige argumentatie (het standpunt wordt ondersteund door slechts één argument), meervoudige argumentatie (er zijn meer argumenten), nevenschikkende argumentatie (er zijn meer argumenten die van elkaar afhankelijk zijn) en onderschikkende argumentatie (argumenten om je argument te ondersteunen).
  2. Een goed argument sluit vaak aan bij wat de ander belangrijk vindt. Die ander is gemakkelijker te overtuigen als uw goede argument aansluit bij zijn of haar doelen en belangen.
  3. Maak gebruik van objectieve bronnen. De cijfers van de branche of wetenschappelijk onderzoek zetten uw betoog kracht bij.
  4. Maak gebruik van uw de rol van autoriteit. Een OR, cliëntenraad of PVT is de autoriteit van de achterban. U weet immers wat er leeft. Maak daar gebruik van.
  5. Bereid uw argumentatie goed voor. Maak ter voorbereiding bijvoorbeeld een argumentatiestructuur. Dat is een boomstructuur waarin u bovenin formuleert wat uw standpunt is. Vandaaruit lopen er verschillende ‘takken’ naar de argumenten die het standpunt onderbouwen. Kijk kritisch naar de formulering van uw standpunt en argumenten. Beoordeel vervolgens of het verband ertussen logisch en begrijpelijk is. Zo kunt u veel kritische vragen of aanvallen op uw argumentatie voor zijn.
  6. Als u begint met een argument, hou het dan kort. Als u heel veel tijd nodig hebt om een punt te maken dan bent u minder geloofwaardig dan als u kernachtig uw punt formuleert.
  7. Gebruik persoonlijke ervaringen om uw punt te onderstrepen. Dat maakt vaak indruk en uw ervaringen zijn moeilijk te weerleggen.
  8. Als uw toehoorder reageert, schrijf dan zijn argumenten op. U kunt er dan eenvoudiger op reageren.
  9. U krijgt in de discussie soms kritiek. Neem de kritiek nooit persoonlijk op, en hou bij de argumenten de emoties erbuiten. Het gaat om zakelijke argumenten die de doorslag moeten geven.
  10.  Wilt u meer doen met argumenteren? Volg dan de training Onderhandelen. Daarin komt ook argumenteren aan de orde.